Blog: Wennen aan de warmte op Gran Canaria

Blog: Wennen aan de warmte op Gran Canaria

Het wordt warmer en warmer op Gran Canaria. Het is op dit moment 5 uur en het is nu 29 graden op het rode kruis uithangbord hier in ons straatje. Het stijgen van de temperaturen gaat niet aan ons voorbij. Elke ochtend als ik voor m’n kledingkast sta probeer ik te bedenken wat het minst warm zit. Meestal dus een rok of jurkje. Bloesjes zitten ook fijn, tricot is eigenlijk al te warm. Een lange broek heb ik één keer ’s avonds aan gehad. Van ons plan om zwarte bedrijfskleding te dragen, lange broek met hemdje of t-shirt, is niets terecht gekomen. Mijn drie speciaal aangeschafte zwarte spijkerbroeken liggen onaangeroerd in de kast. Misschien dat ze er in januari uit mogen. Koken doe ik op dit moment met alleen een keukenschort aan, anders leg ik t loodje. Althans, thuis.

In het café kan dat uiteraard niet. Daar is het elke ochtend als we binnen komen om 10.00 uur al 32 graden. Gelukkig hebben wij een open voorkant dus de warmte kan er goed uit.
Koken met een schort voor kan daar niet want dat is echt veel te warm. Gevolg is dat m’n kleren regelmatig onder de vlekken zitten. Nou draag je hier alles toch maar één keer en dan gaat het de was in. Die is trouwens binnen twee uur droog! Dat is dan wel weer fijn. Er staat bij ons thuis ook een droger. Dat verbaasde mij maar onze huisbaas had er een goede uitleg voor; wanneer de was bijna droog is doet ze de alles nog even in de droger zodat het lekker zacht aanvoelt. Mijn handdoeken voelen altijd aan als schuurpapieren lappen want ik ben nooit op tijd om ze nog even in de droger te doen. En omdat het windstil is op ons plaatsje drogen ze op als planken. Er zijn ergere dingen. Bijvoorbeeld dat het pas mei is en dat het nog veel warmer gaat worden.

Mei is zakelijk gezien de slechtste maand van het jaar. Zegt iedere ondernemer hier. We waren ervoor gewaarschuwd en wisten het van te voren. Toch is het moeilijk, de dagen duren lang als je maar zit te wachten. Er zijn niet veel toeristen en dat merken wij ook. Het voordeel is dat we op deze manier kunnen wennen aan het bereiden van de koffie, de broodjes en af en toe een hete steen maaltijd. Want alles is nieuw voor ons. Met vallen en opstaan leren we te werken met het koffiezet apparaat, te werken in de kleine keuken, ijs scheppen en pizza’s bereiden. We komen ook tot de ontdekking dat enkele apparaten stuk zijn, of een onderdeel missen, of er zelfs helemaal niet zijn! Hoe maak je smoothies als er geen blender is?

Het maken van een goede cappuccino is een van die dingen die nieuw voor ons zijn. Ruud kan het heel goed, hij is al een echte barista. Hij maakt zelfs een herkenbare paddenstoel in het koffieschuim! Ik heb heel wat filmpjes op Youtube bekeken maar als je melk te heet is krijg je geen goed schuim. Dus met koude melk beginnen. En als het niet meer lukt kun je er een beetje koffiemelk aan toe voegen. Schijnt, want dat heb ik nog niet geprobeerd. Ik weet ook niet of je dat hier kunt kopen. Café con leche is gewoon met warme melk. Dat drinkt iedereen hier.

Die koffiemelktip kreeg ik overigens van Pieter, een bevriende caféhouder uit Nederland die hier momenteel op vakantie is met zijn gezin. Zó leuk om ze weer te zien! Hij komt af en toe lekker op het terras koffie drinken. En dan kletsen we over ons dorp en de mensen daar. Dat voelt fijn, het doet ons goed die momenten. Zo hadden we afgelopen donderdag een heuse Hollandse ochtend: eerst kwam er een ouder echtpaar uit Abcoude, toen Pieter en daarna weer een stel uit het dorp! Heel gezellig. Voor ons ook want we zijn natuurlijk erg op elkaar aangewezen. Een beetje afwisseling is prettig. En ook het feit dat je jezelf gewoon verstaanbaar kunt maken. Want soms is het zó vermoeiend om steeds Spaans te praten (voor zover dat lukt).

Wij hebben inmiddels wel naam gemaakt in dit gedeelte van het eiland. We merken dat er mensen zijn die onze naam Picapiedra herkennen. Een taxichaffeur wist er al van, en de mensen bij de bank hadden er al over gehoord. Er wordt blijkbaar over ons gesproken. En in ons straatje natuurlijk helemaal! We worden goed in de gaten gehouden door onze Spaanse buurmannen, aan weerskanten want wij zitten er midden in. Zo hadden ze vernomen dat ik geen solomio kan schoonmaken. Hoe ze dat ter ore is gekomen mag Joost weten (of Juan) maar het is wél waar. Dus bood Manuel zichzelf aan als leraar: hij wilde mij wel laten zien hoe het moet. Je kunt hier namelijk geen geportioneerd vlees kopen. Je koopt gewoon een solomio die dan ongeveer drie kilo weegt, maakt hem zelf schoon en die verdeel je in stukken. Onze Poolse vriend (kok van beroep) had het mij ook al eens voorgedaan. Maar goed, ik was wel benieuwd naar hoe Manuel het zou doen. Bovendien was hij nogal vasthoudend. Hij spreekt een woordje Engels en is werkloos. Ook kok geweest. Het leek me ook een manier om wat te integreren in ons straatje.

Dus Manuel ging met mij de keuken in en ik moest goed opletten. Hij deed het bijzonder vaardig en snel. Ontvliezen, vet eraf snijden, spieren eruit snijden en dan in porties. Dan legt hij zo’n portie op een hoopje en slaat erop met z’n vuist tot ie plat wordt. Prikt er met z’n vingers in om hem mals te maken (als ik het goed heb begrepen) en heeft vervolgens een heuse steak. Tot mijn verbazing! Inmiddels kan ik het zelf ook. Eigenlijk niet zo moeilijk. Maar Manuel was nog niet klaar met mij want hoe maakte ik mijn sauzen? Dat kon hij beter. Dus zou hij zondag, nà de autocross in het noorden, terugkomen om dat met mij te doen. Of ik even 10 euro voor hem had? Ik begreep niet helemaal waar hij dat voor nodig had. Hij wapperde met een briefje van 5, wisselen soms? Nee, dat was t niet. Uiteindelijk dacht ik te begrijpen dat hij het nodig had voor de boodschappen voor die sauzen. Geef ’m die 10 euro, zei Ruud, en ’n biertje.

Zondag ging geruisloos voorbij maar maandag stond Manuel tot onze beschikking. Hij maakte een boodschappenlijst. Heb je 20 euro? Dan haal ik de spullen, zei hij. Mij kon je op dat moment lek schieten want wat was er met die tien euro gebeurd dan? Volgens Ruud hoogstwaarschijnlijk uitgegeven op de autocross. Geeft niet, hij doet tenslotte wel iets voor ons. Binnen een uur stonden we weer samen in de keuken. Hij had zelfs z’n eigen pan meegebracht en een garde. Die bleek tijdens het roeren in de saus alle kanten op te spetteren want de helft van die bogen was kapot. Had ik geen elastiekje dan? Nee Manuel. Of ik misschien een biertje voor hem had? Straks Manuel. Maar saus maken kon hij heel goed. En lang leve mijn vertaal app want anders had ik nooit geweten wat ossenstaartsoep in het Spaans is namelijk de basis voor Manuel z’n saus. En die moet ik in de toekomst natuurlijk zelf maken, zonder vertaal app. In de pan van Manuel want die hoefde hij niet terug….?

Lekker gelezen? Misschien vind je onderstaande berichten ook interessant:

Over de auteur

Wij zijn Anita en Ruud. 58 en 62 jaar oud. Wij geven ons leven op dit moment een nieuwe wending door te verhuizen naar Gran Canaria waar we een bar/cafetaria hebben gekocht. Periodiek zullen we verhalen schrijven over onze avonturen die we meemaken op Gran Canaria.

Bekijk alle artikelen van Anita & Ruud